<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><rss version="2.0" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
	<channel>
		<atom:link href="https://www.wemans.be/blog/x5feed.php" rel="self" type="application/rss+xml" />
		<title><![CDATA[]]></title>
		<link>https://www.wemans.be/blog/</link>
		<description><![CDATA[]]></description>
		<language>NL</language>
		<lastBuildDate>Wed, 10 Dec 2025 14:29:00 +0000</lastBuildDate>
		<generator>Incomedia WebSite X5 Pro</generator>
		<item>
			<title><![CDATA[De graanvisitatie van Neerlanden (1740) als reactie op de draconische winter]]></title>
			<author><![CDATA[Georges Wemans]]></author>
			<category domain="https://www.wemans.be/blog/index.php?category=Neerlanden_1740_-_visitatie_granen_%28winter%29"><![CDATA[Neerlanden 1740 - visitatie granen (winter)]]></category>
			<category>imblog</category>
			<description><![CDATA[<div id="imBlogPost_00000000A"><div><i class="fs10lh1-5">bron afbeelding: Rijksmuseum Amsterdam; <span class="cf1">https://id.rijksmuseum.nl/200515201</span></i></div><div><br></div>DE GRAANVISITATIE VAN NEERLANDEN (1740) <span class="fs12lh1-5">ALS REACTIE OP DE DRACONISCHE WINTER (Georges Wemans)</span><div><br></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De winter van 1739–1740 trof grote delen van West-Europa met een uitzonderlijke vorstperiode, met diepe gevolgen voor landbouw en voedselvoorziening. In rurale gebieden, zoals de Meierij van de Gete, leidde uitwintering van granen tot dramatische opbrengstverliezen en sociaaleconomische druk op pachters. De schepenbank van Neerlanden, bijgestaan door de pastoor, stelde op 1 juli 1740 een visitatieakte op waarin de mislukking van tarwe, wintergerst en andere wintergranen officieel werd vastgesteld. Deze bijdrage analyseert de akte als casestudy van een juridisch instrument dat lokale veerkracht bood in de nasleep van een klimaatramp. De casus toont hoe lokale instellingen een buffer vormden tussen economische verplichtingen en humanitaire nood.<br></span></div><div class="imTAJustify"><br></div><div class="imTAJustify">BRONKRITIEK - VISITATIE NEERLANDEN, 1 JULI 1740</div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">VORM</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Het document is een officiële attestatieakte van de schepenbank, opgesteld door meier en schepenen en bekrachtigd door de secretaris. &nbsp;Het fungeert als publiekrechtelijk bewijsstuk met authentieke status binnen de heerlijkheid Neerlanden (Meierij van de Gete). De bron is exact gedateerd ‘1 juli 1740’ en opgesteld ten velde binnen de jurisdictie van Neerlanden en is een directe getuigenis van de schade. Wat de redactionele kenmerken betreft zien we de formele intitulatio (aanhef) en testificatio of afsluiting (“Wij verklaren en attesteren”), de feitelijke vaststelling volgens een administratieve procedure (visitatie) en de ondertekening door de secretaris. Het stuk maakt deel uit van een register van de schepenbank. &nbsp;Aangaande de betrouwbaarheid spreken we van een primaire bron, een ooggetuigenverslag van bevoegde personen. Het document dient om schade te bewijzen. Het eigenbelang van onderdanen kan echter invloed hebben op de voorstelling van feiten! Er is echter een duidelijke kwantificering van oppervlakten en schade. Besluitend: betrouwbaar instrument, maar functioneel gekleurd ten voordele van pachters en tiendplichtigen.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">INHOUD</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Thematisch handelde de bron over de vaststelling van de graanmislukking na de harde winter (1739-1740). Er was significante economische schade: terffve (tarwe) en wintergerst waren vrijwel volledig verloren, terwijl de rogge (‘coren’) maximaal 1/3 opbracht; 110 bunders wintergranen werden getroffen waarvan 53 à 54 bunders gerst. Functioneel was de bron een bewijs tegen fiscale en pachtverplichtingen. Ze bood een onderbouw voor de verlaging van de pacht en kwijtschelding van de achterstallen. De aanwezigheid van de pastoor kon van invloed zijn op de tiendheffing. Er was echter geen volledige lijst van alle teelten, enkel ‘wintervruchten’, niet alle percelen werden exact gespecificeerd en er was ook geen directe vermelding van wie getroffen was (wie waren de individuele pachters ?), m.a.w. er werd meer aandacht geboden voor structurele schade, echter minder voor exacte individuele verliezen.</span></div><div><br></div><div>HISTORIOGRAFISCHE SITUERING</div><div><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De temperaturen daalden vanaf november 1739 abrupt en bleven uitzonderlijk laag tot maart 1740. &nbsp;Doordat het sneeuwdek ontbrak, vroren wintergranen ‘uit’, een fenomeen dat desastreus was voor tarwe en gerst. In Neerlanden, gelegen op het vruchtbare leemplateau tussen Landen en Zoutleeuw, was de landbouwstructuur sterk afhankelijk van tarwe, gerst en rogge. De pacht- en tiendverplichtingen waren daar rechtstreeks aan gekoppeld. De misoogst bedreigde dus zowel lokale voedselzekerheid als de financiële stabiliteit van pachters.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De heerlijkheid Neerlanden stond onder de rechtsmacht van de Abdij van Sint-Geertrui te Leuven. De schepenbank fungeerde als lokaal bestuur én gerecht, bevoegd om attesten met bindende status op te stellen. De pastoor trad op als belanghebbende tiendheffer, wat de kerkjuridische &nbsp;goedkeuring van de opname versterkte. Andere (groot)grondbezitters, zoals de Abdij van Park, hadden pachtinkomsten in het gebied, maar werden niet expliciet vermeld — wat wijst op een gecentraliseerde afhandeling door de schepenbank.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Wat met de schade? De akte vermeldde 319 bunder in de jurisdictie, 110 bunder bezaaid met wintergranen, 53 tot 54 bunder wintergerst, de bijna volledige mislukking van tarwe en wintergerst en maximaal 1/3 opbrengst voor de overige granen. Dit betekende een verlies van ca. 67% van de wintergranenproductie, een potentieel catastrofale voedselimpact.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De akte diende bijgevolg als bewijs ter ondersteuning van pachtreductie of -uitstel, als basis voor tiendrachtenherziening en als bescherming tegen claims van wanbeheer. De redactie ervan toont dat de akte bedoeld was voor latere juridische inzet, niet louter als verslag.</span></div><div><br></div><div>BESLUIT</div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De visitatieakte van Neerlanden vormde een sprekend bewijs van een lokaal bestuur dat ingreep tegen klimaatschade. Door de misoogst te objectiveren en juridisch te valideren, werd sociaaleconomische stabiliteit bevorderd. De bron illustreert hoe de Kleine IJstijd niet enkel een meteorologisch fenomeen was, maar een aanslag op bestaande rechts- en economische structuren waarop dorpsinstellingen flexibel en doeltreffend reageerden.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">EINDNOTEN</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5"><span class="cf1">(1) Rijksarchief Leuven, Archief Griffies &amp; Gemeenten – Brabant, Neerlanden, nr. 7 (1652–1796), schepenregister.</span><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5"> (2) <!--[if supportFields]><span lang=EN-US style='font-size:11.0pt;font-family:"Calibri",sans-serif;mso-fareast-font-family: Aptos;mso-fareast-theme-font:minor-latin;mso-bidi-font-family:"Times New Roman"; mso-ansi-language:EN-US;mso-fareast-language:EN-US;mso-bidi-language:AR-SA'><span style='mso-element:field-begin'></span><span style='mso-spacerun:yes'> </span>ADDIN ZOTERO_ITEM CSL_CITATION {&quot;citationID&quot;:&quot;pHAuaMB5&quot;,&quot;properties&quot;:{&quot;formattedCitation&quot;:&quot;Stefan Br\\uc0\\u246{}nnimann e.a., \\uc0\\u8216{}The Weather of 1740, the Coldest Year in Central Europe in 600 Years\\uc0\\u8217{}, {\\i{}Climate of the Past} 20, nr. 10 (2024): 2219-35, https://doi.org/10.5194/cp-20-2219-2024.&quot;,&quot;plainCitation&quot;:&quot;Stefan Brönnimann e.a., ‘The Weather of 1740, the Coldest Year in Central Europe in 600 Years’, Climate of the Past 20, nr. 10 (2024): 2219-35, https://doi.org/10.5194/cp-20-2219-2024.&quot;,&quot;noteIndex&quot;:2},&quot;citationItems&quot;:[{&quot;id&quot;:69,&quot;uris&quot;:[&quot;http://zotero.org/users/18354513/items/J76ZNA4W&quot;],&quot;itemData&quot;:{&quot;id&quot;:69,&quot;type&quot;:&quot;article-journal&quot;,&quot;abstract&quot;:&quot;The winter of 1739/40 is known as one of the coldest winters in Europe since early instrumental measurements began. Many contemporary sources discuss the cold waves and compare the winter to that of 1708/09. It is less well known that the year 1740 remained cold until August and was again cold in October and that negative temperature anomalies were also found over Eurasia and North America. The 1739/40 cold season over northern mid-latitude land areas was perhaps the coldest in 300 years, and 1740 was the coldest year in central Europe in 600 years. New monthly global climate reconstructions allow us to address this momentous event in greater detail, while daily observations and weather reconstructions give insight into the synoptic situations. Over Europe, we find that the event was initiated by a strong Scandinavian blocking in early January, allowing the advection of continental cold air. From February until June, high pressure dominated over Ireland, arguably associated with frequent eastern Atlantic blocking. This led to cold-air advection from the cold northern North Atlantic. During the summer, cyclonic weather dominated over central Europe, associated with cold and wet air from the Atlantic. The possible role of oceanic influences (El Niño) and external forcings (eruption of Mount Tarumae in 1739) are discussed. While a possible El Niño event might have contributed to the winter cold spells, the eastern Atlantic blocking is arguably unrelated to either El Niño or the volcanic eruption. All in all, the cold year of 1740 marks one of the strongest, arguably unforced excursions in European temperature.&quot;,&quot;container-title&quot;:&quot;Climate of the Past&quot;,&quot;DOI&quot;:&quot;10.5194/cp-20-2219-2024&quot;,&quot;ISSN&quot;:&quot;1814-9324&quot;,&quot;issue&quot;:&quot;10&quot;,&quot;language&quot;:&quot;English&quot;,&quot;note&quot;:&quot;publisher: Copernicus GmbH&quot;,&quot;page&quot;:&quot;2219-2235&quot;,&quot;source&quot;:&quot;Copernicus Online Journals&quot;,&quot;title&quot;:&quot;The weather of 1740, the coldest year in central Europe in 600 years&quot;,&quot;volume&quot;:&quot;20&quot;,&quot;author&quot;:[{&quot;family&quot;:&quot;Brönnimann&quot;,&quot;given&quot;:&quot;Stefan&quot;},{&quot;family&quot;:&quot;Filipiak&quot;,&quot;given&quot;:&quot;Janusz&quot;},{&quot;family&quot;:&quot;Chen&quot;,&quot;given&quot;:&quot;Siyu&quot;},{&quot;family&quot;:&quot;Pfister&quot;,&quot;given&quot;:&quot;Lucas&quot;}],&quot;issued&quot;:{&quot;date-parts&quot;:[[&quot;2024&quot;,10,7]]}}}],&quot;schema&quot;:&quot;https://github.com/citation-style-language/schema/raw/master/csl-citation.json&quot;} <span style='mso-element:field-separator'></span></span><![endif]-->Stefan Brönnimann e.a., ‘The Weather of 1740, the Coldest Year in Central Europe in 600 Years’, <i>Climate of the Past</i> 20, nr. 10 (2024): 2219-35, https://doi.org/10.5194/cp-20-2219-2024.</span><!--[if supportFields]><span lang=EN-US style='font-size:11.0pt;font-family:"Calibri",sans-serif;mso-fareast-font-family: Aptos;mso-fareast-theme-font:minor-latin;mso-bidi-font-family:"Times New Roman"; mso-ansi-language:EN-US;mso-fareast-language:EN-US;mso-bidi-language:AR-SA'><span style='mso-element:field-end'></span></span><![endif]--><span class="fs10lh1-5 cf1 ff1"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5 cf1 ff1"><br></span></div><div><span class="fs12lh1-5">ADDENDA</span><br></div><div><br></div><div><span class="fs12lh1-5"><b>Moderne Nederlandse hertaling van de schepenakte</b></span></div><div><i class="fs11lh1-5">Wij, Joannes Lowet, meier, en de schepenen Jan en Fransis Istas, Arnoldus Clerinx en Frederik Ingebos, van het dorp en de heerlijkheid Neerlanden, verklaren en getuigen hierbij dat wij, samen met de eerwaarde en edele heer Renesse, pastoor van ons voornoemd dorp, ter velde zijn gegaan om de graangewassen te inspecteren.</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Aangezien deze door de langdurige en strenge winter bijna volledig zijn vernield, hebben wij bij onze inspectie vastgesteld dat de tarwe en wintergerst zodanig zijn mislukt en uit de winter gekomen, dat er nauwelijks nog opbrengst te verwachten valt.</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Wat de overige korengewassen betreft, zal er in het gunstigste geval slechts één derde van de normale opbrengst kunnen worden gerealiseerd.</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Onze jurisdictie omvat ongeveer 319 bunder, waarvan ongeveer 110 bunder is bezaaid met wintergranen. Van deze 110 bunder is ongeveer 53 tot 54 bunder met wintergerst bezaaid geweest.</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Tot bevestiging van de waarheid hebben wij dit stuk door onze secretaris laten ondertekenen.</i></div><div><i class="fs11lh1-5">1 juli 1740</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Jacobus (of Jacques) Dewael, secretaris.</i></div><div><span class="fs12lh1-5"><b><br></b></span></div><div><span class="fs12lh1-5"><b>Transcriptie van de originele akte</b></span></div><div><i class="fs11lh1-5">Wij Joannes Lowet meyer</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Jan ende Fransis Istas Arnoldus</i></div><div><i class="fs11lh1-5">Clerinx ende Frederik Ingebos</i></div><div><i class="fs11lh1-5">schepenen van den dorpe ende</i></div><div><i class="fs11lh1-5">heerlijckhijt Nerlanden verclaren</i></div><div><i class="fs11lh1-5">ende attesteren bij desen dat wij</i></div><div><i class="fs11lh1-5">ons beneffens den Eerw[] ende edele</i></div><div><i class="fs11lh1-5">heere Renesse pastoir van onsen</i></div><div><i class="fs11lh1-5">voors[creven]s dorphe hebben getranspor</i></div><div><i class="fs11lh1-5">=teert te hebben ten velde tot het</i></div><div><i class="fs11lh1-5">visiteren der graenen vermidts</i></div><div><i class="fs11lh1-5">die selve door den lanckdueringhen</i></div><div><i class="fs11lh1-5">fellen wintere bij naer alle sijn</i></div><div><i class="fs11lh1-5">vergaen met whelcke visitatie wij</i></div><div><i class="fs11lh1-5">hebben bevonden dat die terffve</i></div><div><i class="fs11lh1-5">ende wintergerst soo danig is misluckt</i></div><div><i class="fs11lh1-5">ende verwinterd datter bij naer</i></div><div><i class="fs11lh1-5">niet oft en sal connen geprofiteert</i></div><div><i class="fs11lh1-5">worden ende dat van die coren</i></div><div><i class="fs11lh1-5">vruchten ten hoogsten maer een</i></div><div><i class="fs11lh1-5">sal connen worden geprofiteert</i></div><div><i class="fs11lh1-5">een derde deel der selven coren vruchten</i></div><div><i class="fs11lh1-5">bestaende onse voors[chreven] jurisdictie in</i></div><div><i class="fs11lh1-5">ontrent die drij hondert en negenthien</i></div><div><i class="fs11lh1-5">bunder ende alsoo daer van is besaijet</i></div><div><i class="fs11lh1-5">met herde graenen ontrent hondert </i></div><div><i class="fs11lh1-5">en thien bunder ende van welcke</i></div><div><i class="fs11lh1-5">hondert en thien bunder wel is</i></div><div><i class="fs11lh1-5">besaijt [met terffve ende wintergerst] gewest ontrent die drij a </i></div><div><i class="fs11lh1-5">vier en vijfftig bunder gerst In teecken &nbsp;</i></div><div><i class="fs11lh1-5">der waerheijt hebben wij dese door onse</i></div><div><i class="fs11lh1-5">secr[eta]is doen ende laeten onder tieckenen</i></div><div><i class="fs11lh1-5">desen jersten july 1740 </i></div><div><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div><span class="fs11lh1-5">Jac[obus] of Jac[ques] Dewael [handtekening] s[ecreta]is.</span></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div><div><br></div></div>]]></description>
			<pubDate>Wed, 10 Dec 2025 14:29:00 GMT</pubDate>
			<enclosure url="https://www.wemans.be/blog/files/winter-1740_thumb.jpg" length="530228" type="image/jpeg" />
			<link>https://www.wemans.be/blog/?de-graanvisitatie-van-neerlanden--1740--als-reactie-op-de-draconische-winter</link>
			<guid isPermaLink="false">https://www.wemans.be/blog/rss/00000000A</guid>
		</item>
		<item>
			<title><![CDATA[Grensconflict tussen Neerlanden en Neerhespen]]></title>
			<author><![CDATA[Georges Wemans]]></author>
			<category domain="https://www.wemans.be/blog/index.php?category=Neerlanden_-_Landen"><![CDATA[Neerlanden - Landen]]></category>
			<category>imblog</category>
			<description><![CDATA[<div id="imBlogPost_000000009"><div><b class="fs12lh1-5"><span class="cf1">Van akkers tot rechtsmacht. Hoe een grensconflict tussen Neerlanden en Neerhespen uitgroeide tot een strijd om macht en belasting (1746–1747)</span></b></div><div><b class="fs12lh1-5"><span class="cf1">(Georges Wemans)</span></b></div> &nbsp;<div><b class="fs12lh1-5"> </b></div><div><div><b class="fs12lh1-5"><span class="fs11lh1-5">Inleiding</span></b><br></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">In het achttiende eeuwse Landen vormden akkers, pacht en oude gewoonten de basis van het dagelijks leven. Dorpen waren hier geen toevallige buurtschappen, maar hechte fiscale gemeenschappen. Een greppel in een weide of een (kromme) voetweg kon bepalen wie belasting betaalde aan wie – en dus wie recht van spreken had. Land was macht, en macht liet zich niet zomaar afpakken.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">Toen Neerlanden en Neerhespen het rond 1746 niet langer eens waren over de ligging van hun dorpsgrens, stond er meer op het spel dan een paar percelen. Jarenlange onzekerheid over belastingrechten leidde tot een conflict dat zijn weg vond naar Brussel, voor de Soevereine Raad van Brabant. Daar probeerde men een compromis te forceren dat rust moest brengen, maar tegelijk nieuwe vragen opriep over rechtsmacht en heerlijkheid.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Drie bewaarde documenten laten zien hoe diep dit conflict sneed in lokale belangen en hoe kerkelijke instellingen – waaronder de Abdij van Sint-Geertrui te Leuven – zich bedreigd voelden in hun inkomsten en juridische positie. Dit artikel onderzoekt welke betekenis het akkoord van 9 februari 1747 werkelijk had en wie er sterker uit de strijd kwam: het dorp dat tijdelijk leek te winnen, of de heren die hun macht niet zomaar wilden laten verschuiven.</span></div><div class="imTAJustify"><br></div><div class="imTAJustify"><b><span class="fs11lh1-5">Twee dorpen en uitgesproken grens</span></b></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">De velden tussen Neerlanden en Neerhespen leken op het eerste gezicht weinig bijzonder: golvend bouwland, greppels vol regenwater en hier en daar een veldweg die al generaties lang de kortste route was tussen hoeves. Maar achter die eenvoud schuilde een wereld van gewoonten en rechten. Wie een akker bewerkte, wist niet alleen waar hij werkte, maar ook voor welk dorp de lasten werden betaald – en dus wie hoorde bij wie.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">Het vonnis van 10 december 1746, uitgesproken door de Soevereine Raad van Brabant, zette die wereld op zijn kop. Neerlanden voelde zich onrechtvaardig behandeld en zag hoe grenzen die men als</span><span class="fs11lh1-5"> </span><i><span class="fs11lh1-5">“van alle oude tijden geploegd”</span></i><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">beschouwde, plots ter discussie kwamen te staan. De inwoners waren ervan overtuigd dat Neerhespen niet alleen land, maar ook inkomsten probeerde in te pikken: percelen zouden voortaan bijdragen aan een ander bestuur, een andere gemeentekas, een andere rechtsmacht. De dorpsschepenen van Neerlanden trokken in beroep. In januari 1747 lieten zij in een akte vastleggen dat zij zich hielden aan de “oprechte limietscheiding” die</span><span class="fs11lh1-5"> </span><i><span class="fs11lh1-5">“van alle oude tijden geplogen is tot op den dagh van heden”</span></i><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">(1). Wat stond er op het spel? Niet de eigendom van de grond zelf, maar de fiscale controle, m.a.w. wie mocht innen en recht spreken.</span><br></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"> </span></div><div><b><span class="fs11lh1-5">Het Brusselse compromis</span></b></div><div><span class="fs11lh1-5">In Brussel, honderden pachtkilometers verwijderd van de velden waar het werkelijk om draaide, kwamen vertegenwoordigers van beide dorpen op 9 februari 1747 oog in oog te staan met de macht van het hertogdom Brabant. De Raad wilde vooral rust: geen slepende processen of escalerende lokale conflicten.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">De commissaris liet beide partijen aan het woord en stuurde aan op een akkoord dat op het eerste gezicht eenvoudig leek: loop de grens af en plaats paalstenen op herkenbare plaatsen. Zo werd de dorpsgrens tastbaar en voorlopig verankerd in het landschap. De regeling oogt technisch, maar is in wezen eenvoudig: onder toezicht van de Raad werd een werkbare lijn getrokken. Daarbij werd uitdrukkelijk vastgelegd dat de nieuwe scheiding alleen zou gelden</span><span class="fs11lh1-5"> </span><i><span class="fs11lh1-5">“voor den regel der quotisatie”</span></i><span class="fs11lh1-5">.(2) Dit was een</span><span class="fs11lh1-5"> </span><i><span class="fs11lh1-5">possessoire</span></i><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">maatregel of tijdelijk bepalen wie mag innen, maar de</span><i><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">petitoire</span></i><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">kern of wie werkelijk rechtsmacht heeft bleef open. Door het compromis kreeg Neerlanden op korte termijn het voordeel: enkele betwiste percelen werden volgens de nieuwe lijn aan haar toegewezen.</span><br></div><div><br></div><div></div><div><b><span class="fs11lh1-5">Het weerwerk van de abdij</span></b><br></div><div><span class="fs11lh1-5">Het leek een elegante oplossing, maar niet iedereen was gerustgesteld. De Abdij van Sint-Geertrui in Leuven was niet alleen een invloedrijke grondbezitter, maar ook dorpsheer van Neerlanden, met rechtsmacht, bestuurlijke invloed en het recht om de pastoor te benoemen. Wanneer percelen onder Neerhespen zouden worden belast, dreigden dus heerlijke en pastorale bevoegdheden te verschuiven, samen met de inkomsten.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">In een juridisch document werd gewaarschuwd dat ongeveer 45 bunders en 50 bunders tienden konden verschuiven (3) — jaarlijks terugkerende opbrengsten die nauw verbonden waren aan het heerlijk gezag.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">De centrale bezwaren van de abdij: verlies van dorpsheerlijkheid, inperking van jurisdictie en zielzorg, ondermijning van precedentwerking (o.a. tiendencohiers uit 1686).</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">De strijd verschoof dus: niet enkel tussen twee dorpen, maar tussen de wereldlijke en kerkelijke macht van de abdij enerzijds en de administratieve logica van de staat anderzijds.</span></div><div class="imTAJustify"><b><br></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5">Conclusie</span></b></div><div><span class="fs11lh1-5">Het grensconflict tussen Neerlanden en Neerhespen toont hoe territorium in de achttiende eeuw vooral een juridisch-fiscale constructie was. Het akkoord van 9 februari 1747 bood een tijdelijke oplossing die de rust herstelde, maar liet de wezenlijke machtsvraag open.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">Voor Neerlanden betekende het compromis een tijdelijke versterking van haar positie, maar het petitoire niveau — het uiteindelijke recht op jurisdictie en heerlijkheid — bleef onbeslist. Voor de Abdij van Sint-Geertrui stond als dorpsheer het behoud van haar wereldlijk én spiritueel gezag op het spel.</span><span class="fs11lh1-5"> </span><span class="fs11lh1-5">Het dossier toont zo een institutionele transitie: traditionele heerlijkheden zagen hun gezag uitgedaagd door een centraler staatkundig optreden inzake territoriale bevoegdheid. Neerlanden won voorlopig op het vlak van belastinginning, maar de abdij vocht voor de structurele bevestiging van haar macht. </span><span class="fs11lh1-5">De strijd op het veld was tijdelijk beslist — de strijd om het recht nog lang niet.</span></div><div><br></div><div><b><span class="fs11lh1-5">Eindnoten</span></b></div><div><span class="fs10lh1-5">(1) “Extract getrokken uijt den originele copije…”, 25 januari 1747, Archief &nbsp;Abdij van Sint-Geertrui, nr. 10432 - 1 folio, Rijksarchief Leuven (RAL). &nbsp;&nbsp;</span><br></div><div><ul type="disc"><span class="fs10lh1-5">(2) “Memorie uijt het accort”, 9 februari 1747, Archief Abdij van Sint-Geertrui, nr. 10432 - 2 folio's, Rijksarchief Leuven (RAL).</span><br><span class="fs10lh1-5">(3) “Casus ende verclaringe”, z.d. [&gt; 9 februari 1747], Archief Abdij van Sint-Geertrui, nr. 10432 - 1 folio, Rijksarchief Leuven (RAL).</span></ul></div><div><br></div><div><span class="fs11lh1-5"><b>Dit artikel citeren?</b></span></div><div><div><span class="fs10lh1-5">Bibliografische referentie:</span></div> &nbsp;<div><span class="fs10lh1-5">Georges Wemans,</span><span class="fs10lh1-5"> "Gatiana", Van akkers tot rechtsmacht. Hoe een grensconflict tussen Neerlanden en Neerhespen uitgroeide tot een strijd om macht en belasting (1746–1747), </span><span class="fs10lh1-5 cf2">https://</span><span class="fs10lh1-5 cf2">www.wemans.be/blog/index.php?grensconflict-tussen-neerlanden-en-neerhespen</span></div></div><div><b class="fs11lh1-5 cf1"><br></b></div><div><b class="imUl fs11lh1-5 cf1">Transcriptie van de bronnen</b><br></div></div><div class="imTALeft"><div><b><br></b></div><div><b class="fs10lh1-5">Document 1 - Exstrackt getrocken uijt den originele copije… &nbsp;(25 januari 1747)</b></div><div><b class="fs10lh1-5">[f.r°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">Exstrackt getrocken uijt den originele copije staet soo volght</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Op heden desen </span><span class="fs10lh1-5">25 januarij 1747 </span><span class="fs10lh1-5">hebben wij Jan ende Fransis </span></div><div><span class="fs10lh1-5">Istas, Arnoldus Clerinx ende Frederick Ingebos schepenen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van <s>desen </s>den dorpe Neerlanden, Joannes Mijs, Geerart </span></div><div><span class="fs10lh1-5">Hoebanx, Lambert Wanten, Henderick Vantilt,</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Lamberecht Francks, Judone van Herck, Lamber</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Johanne, Jan Tuts, Jan de Jendt, Fransis Gilis,</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Jan Ramakers, Joris Boesmans, Jan Willems, Joos</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Ulens, Baltesar ende Huijbrecht Donny, alle jnges</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=etenen van den dorpe Neerlanden de welcke jnspectie</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gehat hebbende dat er deser door onsen secretaris van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sekere vonnisse gegeven door de soverijnen raede</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van brabant de date thiensten december 1746 in</span></div><div><span class="fs10lh1-5">saecke tuschen onse voors[chreven] dorpe ende de ingesetenen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van den dorpe neerhespen over die limiet scheijdinge tuss-</span></div><div><span class="fs10lh1-5">==chen die voors[chreven] twee gemijntens als oock door de selven</span></div><div><span class="fs10lh1-5">onsen secretaris gehadt hebbende lecture ende expli</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=catie van die articulen der scrifture van versoeck</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sustineringhe ende verclaeren wegens die van t: voor</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=screven neerhespen in sake gedint de 31[st]en decembere</span></div><div><span class="fs10lh1-5">1744 te weten van de 16 tot den 20 articule bijde jn</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=clus met welcken voors[chreven] vonnisse is geordoneert</span></div><div><span class="fs10lh1-5">aen bijde die principael ofte gemijnten ende principael </span></div><div><span class="fs10lh1-5">=ste gegoeden van den dorpe neerlanden ende neerhespen <s>hun</s></span></div><div><span class="fs10lh1-5"><s>willen houden ofte niet</s><u> </u>over de jnhoud ende der selven </span></div><div><span class="fs10lh1-5">te geven hunne resolutie oft die selve gemeijnte van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">neerlanden hun willen houden ofte niet aen die voors[chreven]</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sustinering ende verclaren van die van het voors[chreven]</span></div><div><span class="fs10lh1-5">neerhespen gedaen met die artieckelen der voors[chreven] scrift</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=tuere hier voorens vermelt ende op alles geler ende rijpelick</span></div><div><span class="fs10lh1-5">geresolveert hebbende soo verclaren wij voors[chreven] schepen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=en ende ingesetenen bij desen ons daeraen niet te will</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=en houden nogh t: selve te accepteren als sijnde die</span></div><div><span class="fs10lh1-5">selve verclarende niet ontfanckbaer om diversche</span></div><div><span class="fs10lh1-5">redenen als dienende voor die van t: voors[chreven] neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">maer voor eenen uijtvlught om te soecken de substa</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ntie ende<span class="cf3"> riuewienen van onse voors[chreven] ingesetenen</span></span></div><div><span class="fs10lh1-5">van den dorpe neerlanden gelijck sij nogs een deel van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">jaeren hebben gedaen om tusschen middelen tijt in</span></div><div><span class="fs10lh1-5">hunne ongefonderte possessie te blijven soo is t: dat</span></div><div><span class="fs10lh1-5">wij voors[chreven] schepenen ende gemijnte van desen dorpe neer</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=landen</span></div><div><b class="fs10lh1-5">[f.v°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">= landen verclaeren gelijck wij verclaeren bij desen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ons te houden aen die oprechte limiet schijdinge</span></div><div><span class="fs10lh1-5">tusschen onsen dorpe neerlanden ende neerhespen die</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van alle oude tijden geplogen is tot op den dagh van heden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">die welck wij noch hebben verclaert ende overgegeven</span></div><span class="fs10lh1-5">met onsen requeste in den souvereijne raede van</span><br><div><span class="fs10lh1-5">brabant de date vijffde november 1744 bij die prin</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=cipaele jngesetenen van neerhespen genoghsaem</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bekent ende gemerckt bij den selven vonnisse geordo</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=neert is bij henne gecommiteerde te compareren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">voor heeren commissarissen in sake gestelt tegens</span></div><div><span class="fs10lh1-5">den negensten februarij van dezen jaere 1747 ten</span></div><div><span class="fs10lh1-5">twee uren naer middags oom voor bij die voors[eiden] heeren</span></div><span class="fs10lh1-5">commissarissen over hun verschil vergeleken te</span><br><div><span class="fs10lh1-5">worden jngevalle soo est dat wij tot dien eijnde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">hebben geconstitutueert gelijck wij constitueeren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bij desen Sr Joannes Lowet meijer onser voors[chreven]</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dorpe beneffens Gillam Jstas onse mede jnne</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=geseten om in onsen naeme aldaer te compareeren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende over de selven processe te doen t: gene behoort</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende hennen raedt sal gedragen onder gelofte van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">allen het gene door die selve geconstitueerde daer</span></div><div><span class="fs10lh1-5">jnne sal worden gedaen te houden voor goedt valt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende van werde onder gelofte ende verbintenisse als</span></div><div><span class="fs10lh1-5">naer recht in teecken der whaerhijt hebben wij</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dese door onsen secretaris laeten depescheren ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">teeckenen date als voor ende is tot d: originele gev</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=oght den behoorelijcken segel ende van mij secretaris</span></div><div><span class="fs10lh1-5">onderteeckent</span></div> <div><span class="fs10lh1-5">ita et</span></div><div><span class="fs10lh1-5">concordatum attestor</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Jac[ques] Dewael s[ecreta]ris</span></div><br><div><span class="fs10lh1-5"> </span></div><div><b class="fs10lh1-5">Document 2 - Memorie uit het accort (9 februari 1745) &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;</b></div> <div><b><span class="fs10lh1-5 cf3">[f1.r°]</span></b></div><div><span class="fs10lh1-5">Memorie uijt het accort</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Coram d: Jochet comis[saris] verbael accordandum</span></div><div><span class="fs10lh1-5">f: s[ecreta]ris Pauwens commissaris</span></div> <div><span class="fs10lh1-5">Die regerders ende ingesetenen van neerlanden supplianten</span></div><div><span class="fs10lh1-5">die regerders ende ingesetenen van Neerhespen geinsisteerden</span></div> <div><span class="fs10lh1-5">Den 9 feb 1747</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Muse (?) rolle voor de geinsisteerden met Badewijn Matteij</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=us schepene ende Lamber Sterkendries jngesetene gecom</span></div><div><span class="fs10lh1-5">mitteerde bij procuratie die protesteeren van hunne ex</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=presse comparitie verclaren te compareeren te eijnde als</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bij het vonnis van den 10 [decem]bris lestleden de procureur Godbin</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dinende de supp[ean]ten hier toe gedaijgt met leveringe van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">coppije van de voors[reven] vonnis per suiet ut constat</span></div><div><span class="fs10lh1-5">d jdem Godbin met Jan Lowet meijer ende Gillam</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Jstas gemijntenaer jn persoon als gecommiteerden bij</span></div><div><span class="fs10lh1-5">procuratie van den dorpe van Neerlanden ende geassisteert</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van den advocaet Otto</span></div><div><span class="fs10lh1-5">partijen aenhoort hebbende de middelen van accomodement</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sijn geconvinieert inder manieren als volgt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dat voordaen de liemiet schijdinge tusschen de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">twee dorpen van neerlanden ende neerhespen sal beg</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=innen aen de oude catsijde gaende van neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">op panbruggen op de hock van de lange reen aen de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">t: landt toebehoorende de erffen Nicolaes</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Mattus aen de vier roeijen compiteerende t: gast</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=huijs van Thienen op welcken hock sal gestelt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">worden eenen paelsteen.</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dat de liemiet van daer sal loepen de langen reen toe</span></div><div><span class="fs10lh1-5">tot aen de<span class="cf3"> voetweghs van Neerhespen naer Neerlanden</span></span></div><div><span class="fs10lh1-5">alwaer oock sal worden gestalt eenen paelsteen dusda</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=nigslijck dat allen de landen gelegen aen de oost suijt sijde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van dieen reen sullen gequotifieert worden onder Neerlanden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende de geene aen de ander sijde van die reen onder Neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">besondelijck de ses sillen toebehoorende t: capittel van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Leeuwe ende acht roeijen toebehoorende Jan Lowet al ist</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dat die springen over de reen met een deel aen de candt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van</span></div><div><b class="fs10lh1-5">[f1.v°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">van Neerhespen geheel sullen gequotiseert worden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">onder Neerlanden.</span></div><span class="fs10lh1-5">dat de liemiet voorts sal loopen naer de rant van</span><br><div><span class="fs10lh1-5">Neerlanden op tot aen de hock van drij roeijen als nu</span></div><div><span class="fs10lh1-5">compiteerende de erfgenamen Lamberecht Baken de wel</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=cke sullen blijven onder Neerlanden ende sal de liemiet voorts</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=loepen tusschen die drij roeijen ende twelf roeijen van het closter</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van Oplinter die welcke sullen blijven onder Neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">alwaer de limiet een wijnigs sal op gaen naer de candt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van Neerlanden tot op de hock van acht roeijen toebehoore</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=nde Jan Stiers de welcke sullen blijven onder Neerlanden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende sal voordts loepen tusschen de acht roeijen ende vijfthien</span></div><div><span class="fs10lh1-5">roijen als nu toebehoorende Jan van Leuwe de welcke</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sullen blijven onder Neerhespen ende sal voorts recht loepen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">tusschen i8 roeijen van de heeren van Scholieren van Leuwe</span></div><div><span class="fs10lh1-5">voordts recht over den voedtweghs tusschen de ses sillen van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de abdije van Sinte Gitteruijden ende de thien roeden van het</span></div><div><span class="fs10lh1-5">cloester van Linter ende voordt tusschen i2 roeijen van de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">huijsarmen van St: Truijden ende ses roeijen van Antoen Monnet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende voordt over den voedtwegh tusschen acht roeijen van t:</span></div><div><span class="fs10lh1-5">begijn hoff van Thienen ende een bonder van de Wittevrou</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=wen van Loven tot aen een bonder van de abdije van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">S[in]te Gitteruijden de welck bonder geheel sal blijven onder</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerlanden alwaer de liemiet een wijnigs sal afkom</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=en tot aen den reen gelegen tusschen thien roeijen van Peet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=er van Dionant de welcke sullen blijven onder Neerlanden</span></div><span class="fs10lh1-5">ende een bonder van Nicolaes Mattuies het welck sal</span><br><div><span class="fs10lh1-5">blijven onder Neerhespen ende sal aldus de limiet loepen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">tusschen de twee genoemde parceelen tot tegen de achthi</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=en bonder van de abdije van Perck de welcke geheel </span></div><div><span class="fs10lh1-5">sullen blijven onder Neerlanden lanckts welcke</span></div><div><span class="fs10lh1-5">landen de liemiet sal afloepen naer de candt van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen soo danigslijck dat de &nbsp;roeijen van het</span></div><div><span class="fs10lh1-5">capittel van Thienen ende dese vier roeijen van Lieberech</span></div><div><span class="fs10lh1-5">souden vordts sullen blijven onder Neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">datter</span></div><div><b class="fs10lh1-5">[f2.r°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">datter op den hock van de voors[chreven] 14 roijen van cappittel</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van Thienen tegens de percke landen sal gestelt worden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">eenen paelsteen diens volgens dat alle de goederen gel</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=egen aen de oost suijt sijde van de gespecificeerde limiet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">lienie sullen blijven ende gequotisseert worden onder Neerlan</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=den ende de geene gelegen aen de nort west sijde sullen blijven </span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende gequotiseert worden onder Neerhespen ende sal dese gede</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=signeerde liemiet schijdinge maar dienen voor den regel</span></div><div><span class="fs10lh1-5">der quotisatie van de respectieve dorpen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dat desen regel van quotisatie maer er sal beginnen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">met St: Jans toecomende soodanigslijck dat de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">settinge actuelijck gestelt op den ouden raet sullen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">plaets hebben</span></div><div><span class="fs10lh1-5">waer mede dese prosseduere comt te cesseeren com</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=pensatis expensis</span></div><div><span class="fs10lh1-5">versaecken partijen hiervan decretement acte ende conde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=muatie </span></div> &nbsp;<div><i class="fs10lh1-5">[Staet beneden]</i></div><div><i class="fs10lh1-5">Habeant et facta est condemnatio per curiam</i></div><div><span class="fs10lh1-5">Feller [+ handtekening]</span></div> <div><span class="fs10lh1-5">Memorie van d: procuratie van Neerhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Wij schepenen ende gemeijntenaeren geven vollemacht ende procuratie</span></div><div><span class="fs10lh1-5">aen Badewijn Mattues schepene ende aen Lamber Sterkendries onsen jngese</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=tene om te faceren naer Brussel ende aldaer te gaen in comparitie voor</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de Heere Raedt ende commissaris Coschet om aldaer te aenhooren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">alsulcke reedenen van accort als den voors[reven] Heere Raedt ende commi</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=ssaris hun aldaer sal voorhouden aengaende seker prosses hangende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">onbeslicht in de Soeverijne Raede van Brabant tusschen de gemijn</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=ten van Neerlanden ende die gemijnte van Neerhespen houdende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">voor goedt vast ende van werden al het geene hunne gecommitte</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=rden daer inne sullen comen te doen ende oock van de 16 arteeckel tot</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de 20 arteeckel jnclus houdende voor goedt ende van werde het</span></div><div><span class="fs10lh1-5">geene de gecommitteerde daer ingelijcke comen te doen in tee</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=cken der waerhijt hebben dese onderteeckent ende was onderteeckent</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Jacobis Loijarts met het marck van Adriaen de Willem Jan</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van Leewe ende Nicolas Stas schepenen beneffens Jacobis Se</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=venans Gillam Dralants Jan Mercoen Geert van Orle</span></div><div><span class="fs10lh1-5">met het marck van Judone Surbe alle principaele</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gegoeden desen 6 feb: i747 is ondert[eeckent] Jan Hend[rick] Pijssens s[ecreta]ris</span></div><div><span class="fs10lh1-5"><br></span></div> <div><b class="fs10lh1-5">Document 3 - Accort tusschen die van Neerlanden ende Neerhespen (sine dato, maar na 9 februari 1747)</b></div><div><b class="fs10lh1-5">Accort tusschen die van Neerl</b></div><div><b class="fs10lh1-5">=anden ende Neerhespen</b></div><div><b class="fs10lh1-5">I747</b></div><div><b class="fs10lh1-5">16</b></div><div><b class="fs10lh1-5">[f.r°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">Casus ende verclaringe</span></div><span class="fs10lh1-5">alsoo een prosses was hangende onbeslicht</span><br><div><span class="fs10lh1-5">jn de soverijne Raede van Brabant tusschen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerlanden ende Neerhespen rakende de liemiet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">schijdinge ende de quottisatie van een groedt</span></div><div><span class="fs10lh1-5">deel goederen gelegen tusschen de twee dorpen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">op den 10 [decem]bris 1746 is het gewesen accordandum</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Op den 9 feb[ruari] sijn de gecomitteerden van Neerlanden ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen gecompareert voor de Heere Raedt Jochet ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">commissaris ende sijn geaccordeert soo bij d: het accort</span></div><div><span class="fs10lh1-5">[exstrat] alhier can gesien worden.</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Nu i6 te vragen bij het accort de Heer ofte Heeren van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de twee voornomde dorpen sonder hen consent cunnen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gepreiduseert sijn van de oprechte liemiet schijdinge van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de voors[chreven] twee dorpen oft in henne juresdictien</span></div><div><span class="fs10lh1-5">I6 nogs te vragen volgens het accort oft eeenen pacht</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=er van het goedt van sijne Heere ofte meester sonder</span></div><div><span class="fs10lh1-5">premisse ofte wille van den selven can verobligeren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van het goedt dat allentijt onder Neerlanden is gele</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=gen ende allentijt aldaer gequotiseert ende de lasten bet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=aelt sijn nu sonder volgens de liemiet lienie te</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen gequotiseert worden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">oft eene Heer ofte meester niet lieber en is van sijn</span></div><div><span class="fs10lh1-5">goedt te dooen ende laeten quotiseeren jn het dorp ofte jur</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=esdictie daer het gelegen is ende daer het van te vooren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gequotiseert ende betaelt is geweest</span></div><div><span class="fs10lh1-5">ende de geconvinieerden van de voors[chreven] twee dorpen in</span></div><div><span class="fs10lh1-5">hen accort van hen meesterschap in hen geheel</span></div><div><span class="fs10lh1-5">te laeten</span></div><div><span class="fs10lh1-5">staet opt lest van het accort dat de settinge actuelijck</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gestelt op de oude voet sullen plaedts hebben waer uijtte</span></div><div><span class="fs10lh1-5">[verstaen is dat] de goederen ter plaetse daer sij gelegen sijn moeten gequotiseert ende bet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">[=aelt worden alsoo] 16 nogs te vraegen dat de Heere abt van de aedelijcks</span></div><div><span class="fs10lh1-5">[volgens reguliment] abdije van Sinte Gitteruijden Heere van de dorpen Neerla</span></div><span class="fs10lh1-5">=nden consenteerden aen sijnen pachter van drij bonder</span><br><div><span class="fs10lh1-5">landt ende elf roeijen landts in 4 stucken compti</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=erende aen sijne abdije gelegen onder Neerlanden begrepen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">jn het voornompt dispuet nu sonder laeten quotiseeren ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">betaelen te Neerhespen oft de selve Heer daer mede sijn</span></div><div><span class="fs10lh1-5">recht niet soude verliesen volgens het selven dispuet van dat</span></div><div><span class="fs10lh1-5">deel van sijne heerelijckhijt het welck groedt is omtrent 45</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bonder</span></div><div><span class="fs10lh1-5">soo twee van de voors[chreven] 4 stucken landen helpen maken de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">fondamenten van de oprechte limiet schijdende van de </span></div><div><span class="fs10lh1-5">juriesdictie Neerlanden ende Neerhespen alsoo van oouts can</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gesien ende <s>gebleken</s> getoont worden</span></div><div><b class="fs10lh1-5">[f.v°]</b></div><div><span class="fs10lh1-5">is nogs te vraegen den voors[eiden] Heere abt oft sijne abdije</span></div><div><span class="fs10lh1-5">soude bij de nieve liemiet lienie van accort de sijde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van Neerhespen hebben ontrent 50 bonder thiende jnbegre</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=pen jntige parceelen sprinck thinde die welcke in de</span></div><div><span class="fs10lh1-5">univercele thinde van Neerlanden sijn den cohier</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van de jaere i686 jnbegrepen ende betaelt oock alde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">haere lasten</span></div><div><span class="fs10lh1-5">oft suntigs danigs accort int werck quamp ende blef</span></div><div><span class="fs10lh1-5">oft die van Neerhespen het voors[chreven] deel van de thinde</span></div><div><span class="fs10lh1-5">oock niet sonder cunnen quotiseeren jn henne lasten</span></div><div><span class="fs10lh1-5">volgens henne univercele thinde</span></div><span class="fs10lh1-5">soo wordt gevraeght oft het niet de lesten middel en</span><br><div><span class="fs10lh1-5">waere van al het prijkel te voorcomen soo wel van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">de Ee[rwerdige] Heere abt als van de gemijnte</span></div><div><span class="fs10lh1-5">dat de Heere abt met hem gevoogst de gemijnte</span></div><div><span class="fs10lh1-5">jn het werck leijde met request de oprechte limiet</span></div><div><span class="fs10lh1-5">lienie schijdende de juresdictie Neerlanden ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen om in de voorige possessiete te blijven</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gelijck diversche voorsaeten van de Heere abt nogs</span></div><div><span class="fs10lh1-5">hen hebben gevoeght bij de gemijne jngesetenen van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerlanden ten dien eijnde soo bij de stucken vant</span></div><span class="fs10lh1-5">prosses can gesien worden die whelcke ten versoocke</span><br><div><span class="fs10lh1-5">van de Heere abt sal behaudigen om etta</span></div><div><span class="fs10lh1-5">soo dat nu is eerst de princepaele pititoori can</span></div><div><span class="fs10lh1-5">aengestelt worden ende affeckt hebben wandt die van</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen hebben die gemijnte van Neerlanden tegen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">gehouden met het possessoor 92 jaeren</span></div><div><span class="fs10lh1-5">nu is het possessoor voor goedt afgelijk met dit accort</span></div><div><span class="fs10lh1-5">alsoo die van Neerlanden volgens henne prueven ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bescheeden sijn het er gefondeert tot de oprechte lim</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=iet lienie schijdende dese vornomde [twee respectieve] dorpen als Nee</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=rhespen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">het voornompt accort i6 ende volght het reguliment</span></div><div><span class="fs10lh1-5">van de 13 september i687 [bij den 8 ende laste?] die bij de liemiet scheijdinge</span></div><div><span class="fs10lh1-5">lest can proberen waer onder het dispute sal gelegen</span></div><div><span class="fs10lh1-5">sijn, sal aldaer moeten gequotiseert ende betaelt worden</span></div><div><span class="fs10lh1-5">[volgens reguliment] die prossessie oude stucken ende prueven van Neerlanden ende</span></div><div><span class="fs10lh1-5">Neerhespen over de limiet scheidinge van de twee respecti</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=ve dorpen, sijn in de grondt geexsamineert bij de Heere</span></div><span class="fs10lh1-5">doctoor Streethaije ende den Heere advocaet Otto te Brus</span><br><div><span class="fs10lh1-5">=sel ende hebben de prueven van Neerlanden gefondeert</span></div><div><span class="fs10lh1-5">bevonden soo die selven met hen ordeel nu nogs souden verc-</span></div><div><span class="fs10lh1-5">=claeren.</span></div>* <div><span class="fs10lh1-5"> </span></div> &nbsp;<div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5 cf3"> </span></div></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div></div>]]></description>
			<pubDate>Sat, 06 Dec 2025 10:50:00 GMT</pubDate>
			<enclosure url="https://www.wemans.be/blog/files/neerlanden---neerhespen_thumb.jpg" length="142647" type="image/jpeg" />
			<link>https://www.wemans.be/blog/?grensconflict-tussen-neerlanden-en-neerhespen</link>
			<guid isPermaLink="false">https://www.wemans.be/blog/rss/000000009</guid>
		</item>
		<item>
			<title><![CDATA[De Hollandse Oorlog (1672-1679) en zijn weerslag op de landbouwopbrengsten in Neerlanden]]></title>
			<author><![CDATA[Georges Wemans]]></author>
			<category domain="https://www.wemans.be/blog/index.php?category=Neerlanden_-_Landen"><![CDATA[Neerlanden - Landen]]></category>
			<category>imblog</category>
			<description><![CDATA[<div id="imBlogPost_000000005"><div><div><b class="fs11lh1-5">Verantwoording</b></div><div><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></div><div><span class="fs11lh1-5"><span class="cf1">De bestudeerde bron is een <b>ambtelijke schepenakte</b>, opgemaakt op 24 april 1679 door de gezworen secretaris Dewale van de schepenbank van de <b>heerlijkheid Neerlanden</b>, in het kwartier van Tienen (1). De akte werd ondertekend door meier Huybrecht Dunion en de schepenen Goordt Libens en Willem Beirghens. Zij is opgesteld in het 17de-eeuwse Brabants ambtelijke Nederlands, en vertoont alle kenmerken van een formele gerechtelijke verklaring (</span><i><span class="cf1">attestatie</span></i><span class="cf1">), zoals beschreven voor dorpsbesturen en schepenbanken in Brabant. </span><span class="cf1">Omdat de akte expliciet is opgesteld op verzoek van pachter Aerdt Jadouls ten gunste van diens klacht tegenover de abdij van Park (de heer), heeft zij een duidelijk </span><span class="cf1">functioneel en partijdig karakter</span><span class="cf1">: het is een bewijsdocument, geen neutrale kroniek. Toch blijft de bron relatief betrouwbaar, gezien de officiële status van de schepenbank en het feit dat schadeverklaringen typisch gecontroleerd werden via visitaties en lokale kennis.</span></span></div><div> <span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div><span class="fs11lh1-5 cf1"><b>Inhoudelijk</b> beschrijft de akte de opeenvolgende schade die Jadouls tussen 1673 en 1675 en in de daaropvolgende jaren opliep. In 1673 werden zijn graanvelden (17 à 18 bunder) vrijwel volledig vertrapt door doortrekkende Franse troepen van Lodewijk XIV, op weg naar het beleg van Maastricht – gebeurtenissen die passen binnen de militaire campagnes van de Hollandse Oorlog (1672–1678/79). In 1674 liep Jadouls nieuwe verliezen op door de fouragering van de Staatse troepen van Willem III van Oranje, die in Lijssem (Lincent) gelegerd waren in de aanloop naar de veldtocht die o.a. zou leiden tot de Slag bij Seneffe. Het jaar 1675 werd gekenmerkt door misoogst, oorlogsomstandigheden en hagelschade, typische fenomenen voor het kwetsbare agrarische ecosysteem van de Zuidelijke Nederlanden in oorlogstijd (2). Later werd de oogst bovendien verder geteisterd door vogelvraat, wormenschade en muizenplagen.</span></div><div><span class="fs11lh1-5"> </span></div><div><span class="fs11lh1-5 cf1">Deze schepenakte past daarmee in het bredere corpus van <b>micro-regionale oorlogsschaderegistraties</b> tijdens de Hollandse Oorlog, waarin lokale schepenbanken fungeerden als certificerende instellingen binnen het rurale rechtsleven van het hertogdom Brabant. De verklaring bevestigt zowel de materiële gevolgen van militaire doortochten voor landbouwers als de rol van de schepenbank als bemiddelende en juridisch legitimerende autoriteit in de relatie tussen pachters en grote geestelijke heren, zoals de abdij van Park.</span></div></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><span class="fs11lh1-5"><span class="cf1">(1) BE Ral (518-119). </span><em><span class="cf2">Griffies en gemeenten Brabant. Neerlanden. Archief van de schepenbank van Neerlanden 1613-1796. II Gemeente nr. 7. Stukken met betrekking tot de geschiedenis en bestuur; opmetingen van gronden, processen, militaire opeisingen (1652-1796). De folio's in de map zijn niet genummerd.</span></em></span></div><div><span class="fs11lh1-5 cf2">(2) E. Vanderlinden, <i>Chronique des événements météorologiques en Belgique jusqu'en 1834</i>, Tome VI, fascicule 1, (Bruxelles: Académie Royale de Belgique, 1924), 163.</span></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><img class="image-1" src="https://www.wemans.be/images/1675-jaar-zonder-zomer2.jpg"  title="" alt="" width="713" height="856" /><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1">BRON TRANSCRIPTIE</span></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><span class="fs11lh1-5"><img class="image-0" src="https://www.wemans.be/images/beeld-intro-schepenakte-1679.jpg"  title="" alt="" width="603" height="296" /><b><span class="cf1"><br></span></b></span></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></b></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1">[f. r]</span></b></div><span class="fs11lh1-5"> &nbsp;</span><div><span class="fs11lh1-5"><span class="cf1">Wij m[ijnehee]r Huybrecht Dunion Meijer des dorps</span><br><span class="cf1"> [ende] heerlijcheit van Neerlanden quartier van Thienen,</span><br><span class="cf1"> Goordt Libens, Willem Beirghens en[de] Dewale,</span><br><span class="cf1"> respective schepenen des selves heerlijcheijt Neerlanden,</span><br><span class="cf1"> rectificerende midts desen ten ernstighen versueche</span><br><span class="cf1"> van Aerdt Jadouls pachter aldaer, datten voor[seiden]</span><br><span class="cf1"> Jadouls in den jaere [16]73, als wanneer die</span><br><span class="cf1"> trouppen van sijne Majestijt van Vranckenrijck</span><br><span class="cf1"> waeren marcherende naer Maestricht, grootelijcx is</span><br><span class="cf1"> beschadicht geweest in al sulcke somer en[de] herte vruch-</span><br><span class="cf1"> ten als in den voorndenden jaere in wasdom</span><br><span class="cf1"> waeren staende op seventhien à achthien bonderen</span><br><span class="cf1"> landts competerende aen die abdije van Perck</span><br><span class="cf1"> bij Loven, geleghen sijnde die voor[seiden] plecke landts</span><br><span class="cf1"> onder die limiten des dorps en[de] heerlijcheijt voors[eiden];</span><br><span class="cf1"> gemerckt die selve granen deur die vermelde trouppen</span><br><span class="cf1"> in het marcherende remarcherende ganschelijcken sijn</span><br><span class="cf1"> onder die voeten getreden geweest, tot daerentoe</span><br><span class="cf1"> datten voor[seiden] Jadouls van die selve goederen weijni-</span><br><span class="cf1"> ghe profijten en heeft gehadt; verclarende voordens</span><br><span class="cf1"> datten voornoemden Jadouls in den jaere [16]74, als</span><br><span class="cf1"> wanneer die armade vanden prince van oranien</span><br><span class="cf1"> was gecampeert tot Lijssem en[de] daerontrent, ten minsten</span><br><span class="cf1"> en heeft geprofiteert </span><i><span class="cf1">soo</span></i><span class="cf1"> van de gevihorreerde granen</span><br><span class="cf1"> als die ghene op den velde alnoch waren staende</span><br><span class="cf1"> en[de] liggende; gemerckt die selve granen deur die</span><br><span class="cf1"> fouragierens van voors[eiden] volcken geheelck sijn wech</span><br><span class="cf1"> gehaelt en[de] vuijtgedorssen; verclaren tot dijen datten</span><br><span class="cf1"> voor[seiden] Jadouls in den jaere [16]75 luttel oft wijnighe</span><br><span class="cf1"> provffijten heeft gehadt van die granen gestaen</span><br><span class="cf1"> hebben op die vermelde plecke landts, midts die</span><br><span class="cf1"> harde granen sijn miswassen geweest,</span><br><span class="cf1"> ter wijlen het selven landt deur dese troubble tijden</span><br><span class="cf1"> en[de] continueen orloghe ten behoevelijcke s[a]saene en</span><br><span class="cf1"> heeft connen gesaeijt offte gecultiveert worden; en[de]</span><br><span class="cf1"> die somer vruchten van voor[seiden] jaere grootelijcken</span><br><span class="cf1"> deur eenen vehementen haghelslach sijn verslaghen</span><br><span class="cf1"> geweest, alles naer luijdt der wettighe visitatie daer</span><br><span class="cf1"> van sijnde; verclaren ten lesten datten v[oorseiden]</span></span></div><div><span class="fs11lh1-5 cf1"><br></span></div><div><b><span class="fs11lh1-5 cf1">[f. v]</span></b></div><span class="fs11lh1-5"> &nbsp;</span><div><span class="fs11lh1-5"><span class="cf1">Jadouls voor die resterende jaeren oock luttel heeft</span><br><span class="cf1"> geproffeteert van die granen gestaen hebbende op die</span><br><span class="cf1"> vermelde plecke landts, ter whijlen die selve vruchten</span><br><span class="cf1"> deur desen orlogene sijn gefourageert geworden, misch-</span><br><span class="cf1"> wasschen, verslaghen deur twee overvloedighe</span><br><span class="cf1"> haghelslaghen, verhaenincx daut, vuijtgeten van die</span><br><span class="cf1"> wormen en[de] afgebeten van die muijsen; soo dat den</span><br><span class="cf1"> voor[seiden] Jadouls om redenen vorens verhaelt</span><br><span class="cf1"> grootelijcken is geintresseert; en[de] want redelijck en[de]</span><br><span class="cf1"> goddellijck is der waerhijt getuijgenisse tegenen</span><br><span class="cf1"> princepalijck des versocht sijnde, soo hebben wij meijer</span><br><span class="cf1"> en[de] schepenen dese onse declaratie, deur onsen</span><br><span class="cf1"> gesworen se[creta]ris, daer en[de] laeten aenteeckenen op den</span><br><span class="cf1"> vierentwintichsten aprilis 1679.</span><br><span class="cf1"> Attenhov[en]</span><br><span class="cf1"> (handt.] Dewale, secretaris.</span></span></div></div>]]></description>
			<pubDate>Mon, 24 Nov 2025 10:16:00 GMT</pubDate>
			<enclosure url="https://www.wemans.be/blog/files/Bataille_Jemmapes_thumb.jpg" length="111309" type="image/jpeg" />
			<link>https://www.wemans.be/blog/?x</link>
			<guid isPermaLink="false">https://www.wemans.be/blog/rss/000000005</guid>
		</item>
		<item>
			<title><![CDATA[De meierij van de Gete]]></title>
			<author><![CDATA[Georges Wemans]]></author>
			<category domain="https://www.wemans.be/blog/index.php?category=Gete_-_meierij"><![CDATA[Gete - meierij]]></category>
			<category>imblog</category>
			<description><![CDATA[<div id="imBlogPost_000000007"><div><span class="fs12lh1-5"><b>De meierij van de Gete</b></span></div><div><img class="image-0" src="https://www.wemans.be/images/Meierij-van-de-Gete.jpg"  title="" alt="" width="953" height="635" /><br></div><div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">In het ancien régime is het grondgebied van Brabant onderverdeeld in zes grote ressorten of hoofdmeierijen: meierij Leuven, ammanie Brussel, marktgraafschap Antwerpen, meierij Tienen, meierij ’s Hertoghenbosch en het baljuwschap Nijvel. Elke hoofdmeierij is samengesteld uit een aantal districten die meestal bekend zijn onder de naam meierijen. Het kwartier of </span><span class="fs11lh1-5"><b>hoofdmeierij Tienen</b></span><span class="fs11lh1-5"> groepeert de meierijen Halen, </span><span class="fs11lh1-5"><b>Gete</b></span><span class="fs11lh1-5"> en Kumtich.(1)</span></div><div class="imTAJustify"><span class="imTALeft fs12lh1-5"> </span><br></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Volgens de tellingsgegevens van de Officie Fiscaal van de Raad van Brabant noteren we </span><span class="fs11lh1-5"><b>anno 1709</b></span><span class="fs11lh1-5"> in de meierij van de Gete de volgende lokaliteiten: </span><i class="fs11lh1-5">Dormaal, Eliksem, Ezemaal, Goetsenhoven, Gussenhoven, Hakendover (met Outgaarden als gehucht), de norbertijnenabdij van Heilissem, Laar, Landen stad, Neerheilissem, Neerhespen, Neerlanden, Neerwinden, Opheilissem, Overhespen, Overwinden, Raatshoven, Rumsdorp, Waasmont, Walsbergen, Wange, Wommersom en Wulmersum</i><span class="fs11lh1-5">. Landen (stad) wordt gerekend onder de 20 Brabantse </span><i class="fs11lh1-5">cleyne steden</i><span class="fs11lh1-5"> en heeft ten tijde van hertogin Johanna van Brabant (tweede helft 14</span><sup class="fs11lh1-5">de</sup><span class="fs11lh1-5"> eeuw) het statuut verworven van vrijheerlijkheid, met eigen magistraten en costumen. De abt van de abdij van Heilissem is ook de heer van Opheilissem en Neerheilissem</span><span class="fs11lh1-5">.(2) </span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">R. Van Uytven et al. geven de volgende indeling van de meierij van de Gete: </span><i><span class="fs11lh1-5">Dormaal, Eliksem, Ezemaal, Goetsenhoven, Gussenhoven, Hakendover én Outgaarden, Laar, Neerhespen, Neerheilissem, Neerlanden, Neerwinden, Opheilissem, Overhespen, Overwinden, Raatshoven (Racour), Rumsdorp, Waalhoven (nabij Velm), Waasmont, Walsbets, Walsbergen, Wange, Wommersom en Wulmersum.</span></i><span class="fs11lh1-5">(3)</span><i><span class="fs11lh1-5"> </span></i><span class="fs11lh1-5">Men verwijst hier naar Walsbets en Waalhoven (depentie van Velm) die tijdens de 15e en eerste kwart van de 16e eeuw tot het ressort van de Gete behoorden.(4)</span></div><div class="imTAJustify"><span class="imTALeft fs12lh1-5"> </span><br></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">Het </span><span class="fs11lh1-5"><b>bestuur</b></span><span class="fs11lh1-5"> van een meierij of kwartier berust bij twee aanvullende organen: de hoofdofficier (Tienen), die als permanente vertegenwoordiger van het centraal gezag fungeerde en tegelijk als woordvoerder en als voorzitter van de algemene vergadering optrad, en de meierij- of kwartiervergadering, het representatief overlegorgaan belast met de behartiging van de gemeenschappelijke belangen van de plattelandsgemeenten. Een (kwartier)secretaris of griffier stond de vergadering terzijde. Een permanent dagelijks bestuur ontbrak. De periodiciteit van deze vergaderingen was hoogst onregelmatig. De frequentie nam toe tijdens een oorlogstoestand of bij de bekendmaking en verspreiding van ordonnanties, de handhaving van de openbare orde of de organisatie van de (militaire) lasten.(5)</span></div></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs11lh1-5">-------------------------------------------------------------------</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5">(1) R. Van Uytven et al., De gewestelijke en lokale overheidsinstellingen in Brabant en Mechelen tot 1795, vol. 2 (Algemeen Rijksarchief, 2000), 627-634.</span></div><div class="imTAJustify"><span class="fs10lh1-5"><span style="text-align: start;" class="cf1">(2) Galesloot, L. &amp; Lejour, E.,</span><span style="text-align: start;" class="cf1"> </span><span style="text-align: start;" class="cf1">Inventaire des archives de l'Office Fiscal du Conseil de Brabant. Registres<i>. </i></span><span style="text-align: start;" class="cf1">, Brussel, /.</span></span></div><div class="imTAJustify"><div style="text-align: start;"><div><span class="fs10lh1-5">https://agatha.arch.be/data/ead/BE-A0541_005627_004272#I56274272<b>324 </b>(<a href="https://agatha.arch.be/data/ead/BE-A0541_005627_004272#I56274272324" target="_blank" class="imCssLink">link</a> naar de meierijen van Halen, <b>Geten (nrs. 79-149)</b>, Zoutleeuw en Zichem).</span></div></div></div><div class="imTAJustify"><div><span class="fs10lh1-5">(3) R. Van Uytve</span><span class="fs11lh1-5"><span class="fs10lh1-5">n et al., De gewestelijke en lokale overheidsinstellingen in Brabant en Mechelen tot 1795, 665-666</span>.</span></div><div><span class="fs10lh1-5">(4) J. Cuvelier, Les dénombrements de foyers en Brabant (XIVe-XVIe siècle), (Algemeen Rijksarchief, 1912), 887.</span></div><div><span class="fs10lh1-5">(5) </span><span class="fs10lh1-5">R. Van Uytve</span><span class="fs10lh1-5">n et al., De gewestelijke en lokale overheidsinstellingen in Brabant en Mechelen tot 1795, 641-655</span><span class="fs11lh1-5">.</span></div><div><span class="fs11lh1-5"><br></span></div><div><span class="fs10lh1-5">De kaart van ingenieur-geograaf J.B. de Bouge 'Nouvelle carte chorographique des Pays-Bas autrichiens (1787)' vindt men op <a href="https://catalogue.bnf.fr/ark:/12148/cb459309104" target="_blank" class="imCssLink">https://catalogue.bnf.fr/ark:/12148/cb459309104</a> </span></div><div><div><span class="fs10lh1-5"><a href="https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/btv1b10678630r/f1.item.zoom" target="_blank" class="imCssLink">https://gallica.bnf.fr/ark:/12148/btv1b10678630r/f1.item.zoom</a></span></div></div><div><span class="fs10lh1-5"><br></span></div></div><div class="imTAJustify"><br></div></div>]]></description>
			<pubDate>Sun, 23 Nov 2025 17:15:00 GMT</pubDate>
			<enclosure url="https://www.wemans.be/blog/files/Nouvelle_carte_chorographique_des_Pays-Bas_-...-Bouge_Jean-Baptiste_btv1b530985856_1_thumb.jpg" length="387794" type="image/jpeg" />
			<link>https://www.wemans.be/blog/?de-meierij-van-de-gete</link>
			<guid isPermaLink="false">https://www.wemans.be/blog/rss/000000007</guid>
		</item>
	</channel>
</rss>